Bevorderen en bespreekbaar maken van gezondheid en leefstijl / Gezond

Voor een goed renderende organisatie is het noodzakelijk dat werknemers vitaal zijn en blijven

Dit geldt voor alle werknemers: van de jonge medewerker die net van school komt tot en met de zestigplusser. Hier leest u hoe u een gezondheidsbeleid vorm kunt geven. Dat beleid heeft als doel om een organisatie te realiseren waarin medewerkers gezond en vitaal zijn, plezier in hun werk hebben en daardoor toegevoegde waarde hebben. Hier leest u meer over:

Aandacht voor gezondheid

Er is een relatie tussen ziekteverzuim en arbeidsomstandigheden, inzetbaarheid, motivatie en productiviteit (zie ook Ziekteverzuim). Goede arbeidsomstandigheden en een plezierige werkomgeving met kansen voor ontwikkeling hebben een positief effect op verzuim. Het omgekeerde geldt ook: ongemotiveerde medewerkers zijn minder productief en melden zich vaker ziek. Investeren in gezond werken leidt daardoor al snel tot betere bedrijfsresultaten.

 

Doordat de pensioengerechtigde leeftijd is verhoogd naar 67 jaar, wordt het belang om gezond de eindstreep te halen alleen maar groter. Werken zorgt voor voldoening, een sociaal netwerk, een betekenisvol leven en een fitte geest. Voor de ouder wordende medewerker is dit van groot belang. Zowel de werkgever als de werknemer hebben hierbij een eigen verantwoordelijkheid. Een goed, effectief gezondheidsbeleid kan beiden daarbij helpen.

 

Gezondheidsbeleid vraagt om een totaalaanpak, als vanzelfsprekend onderdeel van het HR-beleid, met de noodzakelijke aandacht voor gezondheid, motivatie, inzetbaarheid en vitaliteit. Een integrale aanpak omvat niet alleen duidelijke regels en beleid, maar ook aandacht voor de mensen op de werkvloer. Dat maakt het gesprek tussen de leidinggevende en de medewerker zo belangrijk.

 

Voordelen voor werkgever en werknemer

Een goed gezondheidsbeleid heeft zowel voor de werkgever als de werknemer voordelen:

 

Voordelen voor werkgever:

  • toename van actieve arbeidsparticipatie (minder verzuim en uitval);
  • verbeterde productie en dienstverlening;
  • verhoging van de kwaliteit van producten en diensten;
  • verbetering van de concurrentiepositie;
  • positiever en aantrekkelijker bedrijfsimago;
  • profilering op de arbeidsmarkt als aantrekkelijke werkgever (met minder kosten voor werving en selectie).

 

Voordelen voor werknemer:

  • veilige en gezonde werkomgeving;
  • betere gezondheid;
  • vergroting van het werkvermogen, ook op langere termijn;
  • meer werkplezier en motivatie;
  • goede werksfeer.

 

Relatie tussen gezondheid, duurzame inzetbaarheid en vitaliteit

Gezondheidsmanagement heeft als doel: een gezonde organisatie waarin medewerkers optimaal functioneren. Gezondheidsbeleid gaat over (ander) gedrag en het voorkomen van problemen en verzuim, en heeft dus alles te maken met preventie. Goede arbeidsomstandigheden vormen bovendien een belangrijke arbeidsvoorwaarde en hebben ook positieve invloed op het imago van het bedrijf, zowel intern als extern. Voor elke organisatie is duurzame inzetbaarheid van medewerkers van belang. Het betekent dat medewerkers zich gezond voelen, dat ze qua lijf en geest voldoende fit zijn om hun taken te kunnen uitoefenen en om toegevoegde waarde te leveren, ook als de inhoud van het werk verandert. Dit vereist niet alleen dat medewerkers continu bijblijven in kennis en vaardigheden, maar eveneens dat ze aandacht besteden aan hun gezondheid en goed voor zichzelf zorgen.

 

Een goed gezondheidsbeleid bevordert de duurzame inzetbaarheid van medewerkers. Voorwaarde is dat alle activiteiten op het gebied van gezondheid, veiligheid en verzuim met elkaar samenhangen (integrale aanpak). De focus ligt niet alleen op verzuimbeheersing, maar vooral op het voorkomen van verzuim. Preventie dus. Bijvoorbeeld door aandacht te geven aan vitaliteit. Veel bedrijven bieden tegenwoordig activiteiten en producten aan in het kader van vitaliteit. Een klein voorbeeld ervan is: fruit op de werkplek. Doel is dat medewerkers energie krijgen, zich fit voelen en kunnen genieten van wat ze doen. Het gaat ook om inspiratie en levendigheid. Aandacht voor vitaliteit betekent dus: aandacht voor de fysieke en mentale (emotionele) aspecten van het mens-zijn.

 

Een veelgehoord vooroordeel over oudere medewerkers is dat zij een lagere productiviteit hebben. In algemene zin is dat onzin. In de praktijk blijken ouderen namelijk minder vaak ziek dan jongeren, al zijn ze soms wel langer ziek. De grote individuele verschillen tussen oudere medewerkers vragen om een individuele benadering en oplossingen. Medewerkers moeten stimulansen krijgen om fit te blijven. Daarbij is het van belang om fysieke belastende arbeidsomstandigheden zoveel mogelijk te voorkomen en zo mogelijk individuele taakaanpassing of functieverandering toe te passen.

 

Ouderen hebben minstens zoveel potentieel als jongeren
Het beeld dat ouderen minder productief zijn, is gestoeld op een overschatting van het effect van leeftijd op de productiviteit (andere factoren lijken veel belangrijker). Bij het leeuwendeel van de ouderen blijft de productiviteit op peil of ontbreekt op zijn minst een robuuste onderbouwing van de stelling dat de productiviteit van ouderen in het algemeen stagneert. Deze bevindingen zijn hoopgevend: er is geen dwingende reden om aan te nemen dat een afnemende productiviteit een natuurlijk gevolg is van een verouderende beroepsbevolking. Sterker nog: het potentieel van oudere werknemers is wellicht minstens zo groot als dat van jongere werknemers. Uit TNO rapport 2011: Beelden en feiten over omslagpunten en maatregelen omtrent de productiviteit van oudere werknemers

 

Zie ook best practices:

Manieren om aan een gezonde leefstijl te werken

Een gezonde levensstijl (gezond eten, voldoende bewegen) is de verantwoordelijkheid van de medewerker zelf. De werkgever kan dit echter wel ondersteunen. Acties en programma’s gericht op een gezonde leefstijl zijn het meest effectief als medewerkers worden gestimuleerd om bewuste keuzes te maken, in het kader van fit en gezond zijn. Het gaat erom hen te ‘motiveren tot doen’.

 

Uit onderzoek van TNO blijkt dat 40 procent van de werkgevers beleid voert op het gebied van leefstijl en beweging. Werknemers met een gezonde leefstijl verzuimen minder. Een ongezonde leefstijl heeft een negatieve invloed op verzuim. Gezonde(re) leefgewoonten vragen een verandering van leefstijl en gedrag. Dit is alleen mogelijk als medewerkers zich bewust zijn van de risico’s van ongezonde leefgewoonten en de mogelijkheden onderkennen om hun leefgewoonten te veranderen. De leefstijl is de keuze van de werknemer, maar de werkgever kan werknemers wel bewust maken van hun leefstijl door leefstijlprogramma’s aan te bieden. Hieronder worden enkele voorbeelden van leefstijlprogramma’s toegelicht. Zie ook het voorbeeld van een coachingprogramma voor teamleiders.

 

Zie voor meer informatie over een gezonde leefstijl:
www.hartstichting.nl
www.arboned.nl

 

Leefstijlprogramma’s

Met leefstijlprogramma’s kunnen werknemers hun gezondheid verbeteren. Ze pakken niet alleen ingesleten gewoontes aan, maar gaan ook aan de slag met een andere leefstijl, waardoor ze actiever en gezonder worden. De leefstijlprogramma’s richten zich met name op de zogeheten BRAVO-leefstijlfactoren: bewegen, roken, alcohol, voeding en ontspanning. Deze factoren hebben invloed op de vitaliteit en gezondheid. De programma’s worden bijvoorbeeld aangeboden door verschillende arbodiensten en andere commerciële aanbieders. Per thema kunt u zo programma’s kiezen en deze in overleg met uw zorgverzekeraar aanbieden, vaak tegen gunstige verzekeringsvoorwaarden:

 

  • Bewegen: de deelnemer krijgt binnen een paar maanden plezier in bewegen.
  • Stoppen met roken: stoppen met roken kan al in één dag.
  • Minder alcohol: bewust worden van gewoonten en doorbreken van drinkpatroon.
  • Gezonde voeding: leren wat gezonde voeding is en hoe dit kan worden bereikt.
  • Meer ontspanning: leren ontspannen op de manier die het beste bij iemand past.

 

Zie voor veel meer informatie en tips:
www.pbmailer.net

 

Bewegen

Beweegprogramma’s, lunchwandelen, een fitnessabonnement, hardloopprogramma’s of een stimuleringsregeling voor aanschaf van een fiets stimuleren werknemers om meer te bewegen. Het doel is dat de deelnemer (weer) plezier krijgt in bewegen en dus actiever, energieker en gezonder wordt.

 

Meer bewegen levert direct voordeel op voor de werknemer. De werknemer:

  • voelt zich fitter;
  • valt af;
  • bouwt weerstand op;
  • kan beter omgaan met stress;
  • ziet er gezonder uit.

 

Indirect levert dit ook voordeel op voor de werkgever. Want werknemers met een gezonde leefstijl verzuimen minder, hebben meer energie en presteren daardoor beter.

 

Stoppen met roken

Workshops of trainingen om te stoppen met roken verlagen de drempel om te stoppen en verhogen de slagingskans van een stoppoging. Vind een werknemer het prettig om in groepsverband een programma te volgen, dan zijn er programma’s als:

 

Stoppen met roken levert direct voordeel op voor de werknemer. De werknemer:

  • loopt minder risico op hart- en vaatziekten en kanker;
  • verbetert zijn conditie;
  • is minder snel ziek en verkouden;
  • ruikt meer en proeft beter;
  • ziet er gezonder uit;
  • houdt geld over.

 

Indirect levert dit ook voordeel op voor de werkgever. Want werknemers met een gezonde leefstijl verzuimen minder, hebben meer energie en presteren daardoor beter.

 

Minder alcohol

Met een alcoholprogramma stopt of vermindert de werknemer het drinken van alcohol. De deelnemer wordt zich bewust van zijn drinkpatroon en leert dit doorbreken. Heeft de werknemer behoefte aan persoonlijke gesprekken en ondersteuning, dan zijn er speciale trainingen die aangeboden worden door bijvoorbeeld arbodiensten zoals:

 

Minderen of stoppen met drinken levert direct voordeel op voor de werknemer. De werknemer:

  • loopt minder risico op ziekten;
  • heeft minder kans op ongelukken;
  • is minder snel ziek en verkouden;
  • voelt zich fitter;
  • kan zich beter concentreren;
  • ziet er gezonder uit.

 

Indirect levert dit ook voordeel op voor de werkgever. Want werknemers met een gezonde leefstijl verzuimen minder, hebben meer energie en presteren daardoor beter.

 

Gezonde voeding

Dat te veel of ongezond eten slecht is voor de gezondheid, weet iedereen. De kunst is om zelf de goede keuzes te maken, de neiging tot overeten te beperken en een gezond eetpatroon aan te leren. Het gaat erom te leren omgaan met verleidingen en deze te beteugelen zonder ze te negeren.

 

Gezonde voeding levert de voedingsstoffen op die nodig zijn om het lichaam gezond te houden en levert ook langdurige energie. Hiermee worden de welbekende energiedips voorkomen, waarbij het lichaam om een ‘quick fix’ vraagt in de vorm van bijvoorbeeld snoep, koffie of energierepen. Kiezen voor langdurige energie uit pure, onbewerkte producten laat energiedips verdwijnen en verbetert de concentratie, prestaties en het humeur. Veel bedrijven passen het voedselaanbod in de kantine aan: meer fruit en groente (vaak tegen lagere prijzen) en minder gefrituurd aanbod.

 

Voldoende bewegen en eten vormen de basis voor een gezond gewicht en lichaam. Dat zorgt weer voor een kleinere kans op chronische ziekten, zoals hart- en vaatziekten, diabetes en een aantal vormen van kanker.

 

Voedingsprogramma’s
Met voedingsprogramma’s onder begeleiding van een diëtiste leren medewerkers gezonder te eten en dat ook vol te houden. De medewerker pakt ingesleten gewoontes aan, leert verleidingen weerstaan en verandert zijn eetpatroon. Er zijn ook e-cursussen die behulpzaam kunnen zijn: www.ponfit.nl

 

Gezonde voeding levert direct voordeel op voor de werknemer. De werknemer:

  • voelt zich fitter;
  • valt af of blijft op gewicht;
  • is minder snel ziek;
  • loopt minder risico op hart- en vaatziekten en diabetes;
  • ziet er gezonder uit.

 

Indirect levert dit voordeel op voor de werkgever. Want werknemers met een gezonde leefstijl verzuimen minder, hebben meer energie en presteren daardoor beter.

 

Ontspanning

Voor de gezondheid is het belangrijk om op tijd te kunnen ontspannen. Voldoende ontspanning is belangrijk voor een gezonde leefstijl.

 

Ontspanningsprogramma
Met een ontspanningsprogramma (vraag de arbodienst, bedrijfs- of arboarts) leren deelnemers hoe ze met minder stress en meer energie kunnen leven en werken.

 

Een coach begeleidt de werknemer in twee gesprekken om meer te ontspannen. Tijdens het eerste gesprek gaat de deelnemer samen met de coach op zoek naar welke vorm van ontspanning het beste bij hem past. Dat is voor iedereen anders. De coach geeft persoonlijke tips, adviezen en ontspanningsoefeningen. De werknemer gaat hier zelf thuis mee aan de slag. Na een maand worden vorderingen geëvalueerd en waar nodig worden activiteiten en doelstellingen bijgesteld.

 

Ontspanning levert direct voordeel op voor de werknemer. De werknemer:

  • voelt zich rustiger;
  • slaapt beter;
  • verbetert zijn concentratievermogen;
  • herstelt sneller na een ziekte;
  • kan beter omgaan met stress;
  • zit beter in zijn vel;
  • voelt zijn lichaam beter aan.

 

Indirect levert dit ook voordeel op voor de werkgever. Want werknemers met een gezonde leefstijl verzuimen minder, hebben meer energie en presteren daardoor beter. Ze zijn duurzaam inzetbaar.

Tips om het gesprek over een gezonde leefstijl aan te gaan

De werkgever wil dat werknemers duurzaam inzetbaar zijn en maakt daar al vaak beleid op. De keuze voor een gezonde leefstijl is echter iets wat de werknemer vooral zelf moet doen. De werknemer is ook zelf primair verantwoordelijk voor zijn aanwezigheid en productiviteit op het werk. De werkgever kan de werknemer wel stimuleren om keuzes te maken voor een gezonde leefstijl. Om dat te bereiken, moet de werkgever/ de leidinggevende het gesprek over een gezondere leefstijl aangaan.

 

Leefstijl is een persoonlijke keuze, maar houdt zeker ook verband met de omstandigheden waarin iemand zit en de mogelijkheden die iemand heeft. Dat maakt een keuze voor een (andere) leefstijl vaak moeilijk en complex. Klik hier om te lezen hoe INVISTA een gesprek over leefstijl heeft georganiseerd

 

Factoren die bij leefstijl een rol spelen zijn bijvoorbeeld:

  • gehechtheid aan bepaalde voeding, roken of verslaving aan alcohol;
  • bewegen, sporten;
  • balans tussen werken en vrije tijd;
  • persoonlijk leiderschap/karakter;
  • drukte/stress;
  • gezinsomstandigheden;
  • keuzestress; druk tot aanpassing aan anderen;
  • bepalen van grenzen (wat is de norm, wat is gewoon?);
  • financiële omstandigheden;
  • mentale en fysieke gezondheid.

 

Een goed gesprek over een gezondere leefstijl is niet eenvoudig. Betutteling door de werkgever werkt averechts. Een gesprek heeft pas het gewenste resultaat als het aan een aantal voorwaarden voldoet. De eerste is wel dat er een echte aanleiding is; niet het feit dat iemand bijvoorbeeld te dik is, maar wel dat hij minder bedreven en/of productief is in de uitoefening van zijn taak.

 

Andere voorwaarden voor een goed gesprek zijn: 

  • wederzijds vertrouwen;
  • een open mind;
  • empathie/ luisterend oor;
  • een open cultuur, veiligheid;
  • zelfkennis, zowel bij de werkgever/ leidinggevende als de medewerker;
  • inzicht in de mogelijkheden om door te verwijzen.

 

Tips
Hieronder een aantal concrete tips voor een goed gesprek over leefstijl:

 

Wat werkt?

  • een goede voorbereiding;
  • een directe aanleiding om de leefstijl te bespreken, zoals een functioneringsprobleem;
  • doel van het gesprek verwoorden in opening;
  • weergeven van feiten, zoals productiviteitscijfers;
  • oprecht zijn en echte interesse tonen;
  • open vragen stellen zoals: hoe voel je je, of wat zou je anders willen;
  • gevoelens benoemen, zeggen wat je ziet gebeuren;
  • informeel beginnen, de andere op z’n gemak stellen; in latere gesprekken meer formeel worden als blijkt dat medewerker geen ander gedrag vertoont;
  • delen/ toelichten van de visie van bedrijf op een gezonde leefstijl;
  • helder formuleren (niet te omslachtig);
  • bewaken van de relatie/sfeer tijdens het gesprek (het moet niet alleen over inhoud gaan);
  • breder trekken: gesprekken zijn een handvat om problemen aan te pakken.

 

Wat werkt niet?

  • te veel nadruk op vermindering productiviteit; dit roept al snel een verdedigende reactie op;
  • gelijk willen krijgen, opdrachten geven; de medewerker moet zelf intrinsiek gemotiveerd zijn/ worden om zijn leefstijl te veranderen;
  • medewerkers stalken omdat zij met gezondheid /vitaliteit bezig moeten zijn;
  • aanspreken op ‘eigen schuld’.
Vaststellen van gezondheidsrisico’s en oplossingen

Een belangrijke voorwaarde voor gezond zijn en blijven is een gezonde balans tussen belasting en belastbaarheid. Als de werknemer meer moet doen dan hij aankan, kan er een probleem ontstaan. De werkgever doet er goed aan tijdig de gezondheidsrisico’s in de organisatie te identificeren, vast te stellen en samen met de werknemers tot oplossingen te komen.

 

Gezondheidsrisico’s identificeren

 

Belasting en belastbaarheid
Belastende factoren zijn de fysieke belasting door het werk en de ervaren psychische werkdruk. Met belastbaarheid wordt bedoeld of iemand in staat is om aan de eisen te voldoen die het werk stelt. Dit is afhankelijk van de lichamelijke en geestelijke gezondheid van die medewerker, zijn kennis en vaardigheden, maar ook van de steun die de medewerker van collega’s of de leidinggevende krijgt.

 

Langdurige overbelasting door werk kan leiden tot lichamelijke en psychische klachten, verminderde inzetbaarheid en uiteindelijk uitval door ziekteverzuim. De belastbaarheid van een medewerker kan worden vergroot door te werken aan een betere lichamelijke gezondheid (gezonde voeding en bewegen), een betere geestelijke gezondheid (bijvoorbeeld via coaching of timemanagement) of uitbreiding van kennis en vaardigheden. De belasting door het werk kan worden verminderd door de fysieke belasting op de werkplek te verminderen en door aandacht te geven aan de oorzaken van de ervaren werkdruk.

 

Gezondheid is afhankelijk van iemands fysieke én geestelijke/mentale staat. Bij de fysieke gesteldheid gaat het onder meer om spierkracht, uithoudingsvermogen, lenigheid, snelheid en functionele capaciteit. Bij geestelijke gesteldheid spelen persoonlijkheidskenmerken en sociale steun een rol. De BRAVO-leefstijlfactoren (bewegen, roken, alcohol, voeding en ontspanning) zijn eveneens van invloed op de belastbaarheid.

 

Psychosociale arbeidsbelasting (PSA):
Gezondheid en motivatie gaan vaak hand in hand. De omgang met collega’s en cliënten kan veel invloed hebben op hoe iemand zich voelt, zeker als er sprake is van pesterijen, geweld, discriminatie of seksuele intimidatie. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben in de vorm van ernstige lichamelijke en psychische klachten. Een hoge werkdruk kan eveneens een bron van stress zijn. De werkgever is verplicht grensoverschrijdend gedrag en werkdruk te voorkomen. De werknemers hebben hierin zelf ook een verantwoordelijkheid.

 

Zie de arbocatalogus voor oplossingen.

 

Agressie en geweld
Agressie en intimidatie komen helaas ook op de werkvloer voor. Het kan gaan om fysieke agressie (schoppen, slaan) of verbale agressie (schelden, discriminatie). Dit kan veroorzaakt worden door mensen binnen de organisatie (collega’s, leidinggevenden), maar veel vaker gaat het om buitenstaanders (klanten, leveranciers, omwonenden). Al deze situaties kunnen leiden tot gezondheidsklachten als angstgevoelens, slaapstoornissen en psychosomatische klachten. Werkgevers zijn verplicht om een beleid te voeren dat erop is gericht om deze vorm van psychosociale arbeidsbelasting te voorkomen of te beperken.

 

Seksuele intimidatie

Een op de tien werknemers blijkt wel eens last te hebben van seksuele intimidatie. Een onschuldig bedoelde opmerking kan veel grotere impact hebben dan was verwacht. Werkgevers zijn verplicht om alle vormen van seksuele intimidatie te voorkomen.

 

Discriminatie
Discriminatie vindt helaas ook op het werk plaats. Van alle discriminatieklachten die binnenkomen bij het College voor de Rechten van de Mens, heeft meer dan de helft te maken met arbeid.

 

Werkdruk
Ongeveer een op de drie werknemers heeft last van werkdruk. Dit is een serieus probleem waarmee werknemer en werkgever rekening moeten houden. Zowel te veel als te weinig werkdruk kan leiden tot psychische en fysieke gezondheidsklachten.

 

Zie ook:
Psychische klachten
Checklist Voorkom burn-out.

 

Pesten
Een grapje op zijn tijd moet kunnen en verlevendigt zelfs de werksfeer. Maar wanneer iemand structureel voor gek wordt gezet, is het niet grappig meer. Plagen wordt dan pesten en dat kan leiden tot ernstige gezondheidsklachten bij het slachtoffer.

Zie voor een voorbeeld van de arbocatalogus waarin PSA-risico’s zijn opgenomen:

 

Werkplek en werktijden
Naast de genoemde fysieke, mentale en psychosociale factoren is het van groot belang dat werknemers een goede plek hebben om werken. Een prettige, veilige werkplek en goede werktijden horen daarbij.

 

Werkplekonderzoek
Een gezonde werkplek vermindert de verzuimkans en bevordert de productiviteit. Met een werkplekonderzoek zijn klachten van medewerkers te voorkomen of te verminderen. De medewerker krijgt aanbevelingen op het gebied van ergonomie, werkorganisatie, gebruik van hulpmiddelen en werkhouding. Hij wordt zich meer bewust van wat belastend is voor zijn lichaam en weet zijn lichaam tijdens het werk beter te ontlasten en te ontspannen. Ook leert hij de eigen werkplek en het meubilair goed in te stellen, waardoor klachten verminderen of zelfs worden verholpen.

 

Zie voor meer informatie:

 

Werktijden/ ploegendiensten

Werktijden en ploegendiensten kunnen nadelige invloed hebben op de belastbaarheid en dus op de gezondheid van de medewerker. Omgekeerd kan de wijze waarop ploegendiensten worden ervaren, juist te maken hebben met leefstijl, dag- nachtritme, drinken en voeding. Dat is veelal individueel bepaald. Soms nemen klachten over ploegendiensten toe met het vorderen van de leeftijd. Soms kunnen medewerkers met een aangepast rooster weer voor jaren fit en vitaal hun werk uitoefenen. Het is dus de moeite waard goed te onderzoeken hoe de ploegendienst of de werktijd zo kan worden georganiseerd dat dit zo min mogelijk belastend is voor medewerkers. Lees in het voorbeeld van Interface hoe zij dit kunnen doen. (LINK naar PI Interface roosters).

 

Gezondheidsrisico’s vaststellen

Werkgevers zijn verplicht om periodiek een risico-inventarisatie- en -evaluatie (RI&E) uit te voeren. Doel is om de veiligheids- en gezondheidsrisico’s in de organisatie te inventariseren en een plan van aanpak te maken.

 

Specifiek voor de branche is er een ri&e ontwikkeld. Kijk voor meer informatie en het downloaden van de vragenlijst op de website van MODINT.

 

PMO / healthcheck:
Om een goed beeld te krijgen van de vitaliteit/gezondheid van medewerkers zijn er gezondheidsvragenlijsten beschikbaar. Bijvoorbeeld in het kader van de verplichting tot het uitvoeren van een Periodiek Medisch Onderzoek (PMO).

 

Zie ook:
Voorbeeld aanpak gezondheidsbeleid door werkgever
Preventief medisch onderzoek (PMO).

 

Hiervoor zijn veel zogeheten health checks op de markt, al dan niet aangeboden door arbodiensten, zoals:

 

Zie ook:
Effectiever gebruik resultaten PMO of healthcheck

 

Een PMO of healthcheck is een onderzoek naar de gezondheid van werknemers en de risico’s die het werk met zich meebrengt voor hun gezondheid. De werkgever kan vervolgens preventief maatregelen nemen en zo kosten van verzuim en uitval besparen. Er is een basisonderzoek dat kan worden aangevuld met extra onderzoeken. Dit hangt samen met bijvoorbeeld beroepsziekten of specifieke wensen. De PMO of healthcheck brengt in kaart hoe werknemers omgaan met bewegen, ontspannen, roken, alcohol en voeding. Dit geeft inzicht in de leefstijl en eventuele gezondheidsrisico’s. Op basis hiervan kunnen gerichte interventies plaatsvinden om de inzetbaarheid te behouden dan wel te vergroten. Een effectief voorbeeld van een PMO is de Work Ability Index (WAI).

 

Work Ability Index
De Work Ability Index meet het werkvermogen van medewerkers. Dit kan veranderen tijdens de arbeidsloopbaan, zowel bij jongere als oudere werknemers. De WAI geeft inzicht in het huidige en toekomstige werkvermogen van de werknemer. Op grond daarvan kunnen tijdig maatregelen worden genomen om uitval en arbeidsongeschiktheid te verminderen of zelfs te voorkomen. Daardoor is het mogelijk om het werk beter af te stemmen op de persoon, wat ervoor zorgt dat de medewerker op een gezonde manier en met plezier kan werken.

 

Kenmerken van de WAI:

  • meetinstrument voor werkvermogen;
  • een wetenschappelijk onderbouwde vragenlijst;
  • nationale en internationale standaard;
  • goede voorspeller van inzetbaarheid;
  • kort, praktisch en herhaalbaar;
  • toepasbaar voor zowel individuen als groepen;
  • geeft zowel werkgever als werknemer inzicht.

 

Zie ook:
http://www.blikopwerk.nl/work-ability-index

 

Zie voor voorbeeld PMO:
http://www.arboned.nl/gezonde-werknemers/pmo/
http://www.arboned.nl/cases/detail/rockwool-meer-productiviteit-door-sturen-op-bevlogenheid/PMO

 

Gehoorschade, ook een risico
Gehoorschade, oftewel lawaaislechthorendheid, is al jaren de meest gemelde beroepsziekte. Dagelijks worden zo’n 900.000 werknemers blootgesteld aan schadelijk geluid. Deze aandoening kan niet worden genezen, maar kan wél worden voorkomen. Werknemers uit de bouw en industrie lopen een verhoogd risico op gehoorschade. Jongeren die naar harde muziek luisteren trouwens ook (bronnen: NCvB en Nationale Hoorstichting). Neem maatregelen om gehoorschade bij werknemer te voorkomen, zie:

 

Oplossingen

In arbocatalogi zijn tal van oplossingen beschreven voor veel geconstateerde risico’s. Het doel van de arbocatalogus is om gezondheidsschade bij werknemers te voorkomen en uitval binnen de branche (nog) verder terug te dringen. De arbocatalogus voor de mode- en interieurbranche bijvoorbeeld, benoemt de volgende risico’s en vele oplossingen voor:

  • fysieke belasting;
  • machineveiligheid;
  • geluid en trillingen;
  • psychosociale arbeidsbelasting (PSA);
  • zwangeren.

 

Zie voor voorbeelden:

 

Welke aanpak van risico’s het beste bij een organisatie past, is afhankelijk van de situatie én van de doelstellingen van een organisatie. Arbodiensten geven hier graag advies over.

 

Zie voor meer informatie:
www.oval.nl